afdrukken

'De maat was vol, want ik wou niet iedere dag opstaan met het idee dat ik iemands zakken vul'

26 februari 2012 1264x gelezen

Ondernemers Jeroen Blankendaal en Erik Leene gingen voor de startfinanciering van hun bedrijf in zee met twee investeerders. Alle vier hebben ze een kwart van de aandelen in handen. Samen met een standaard aandeelhoudersovereenkomst bleek dat het recept voor veel ellende.

Jeroen Blankendaal richt samen met Erik Leene in 2004 Kadenza op, een bedrijf dat IT-expertise koppelt aan inzicht in bedrijfsprocessen (business intelligence). Bij hun vorige werkgever zitten ze op een dood spoor, waarna het duo op aanraden van een vriend van Blankendaal in contact komt met twee investeerders. Deze financiers zijn op zoek naar beginnende ondernemers die geld nodig hebben om de start van hun bedrijf mogelijk te maken.


Meerderheidsbelang
Het is niet Blankendaals eerste keuze om een eigen onderneming op te zetten, maar hij realiseert zich dat dit het moment is. 'Omdat het vrij onverwacht op ons pad kwam, had ik er financieel niet op gerekend', zegt hij. 'Vanaf de eerste dag maakte ik kosten die ik eigenlijk niet kon betalen. Ik wist niet hoe lang het duurde voor ik een factuur kon versturen.' De helpende hand van de investeerders biedt uitkomst en na een aantal gesprekken willen beide duo's met elkaar in zee.


De closing van de deal laat lang op zich wachten. Een heikel punt voor Blankendaal en Leene is de verdeling van de aandelen. De investeerders eisen een meerderheidsbelang in de BV, maar beide ondernemers passen voor 'een verkapt dienstverband waarbij de geldschieters alle keuzes maken'. Uiteindelijk ontvangt ieder individu voor de inleg van 4.500 euro een kwart van de aandelen met evenveel stemrecht.


Bankgarantie
Een paar weken voor de startdatum van oktober 2004 krijgt Blankendaal een 'lullige bankgarantie' in handen. Dan valt bij hem het kwartje dat zijn investeerders eigenlijk helemaal geen geld in het bedrijf stoppen, maar slechts garant staan voor een lening bij de bank. Kort daarna valt ook de aandeelhoudersovereenkomst op de mat, opgesteld door de financiers.

Blankendaal: 'Een standaardformulier waarin staat dat wij geen enkele investering boven een paar duizend euro mochten doen zonder hun toestemming. We waren met handen en voeten gebonden.'


Uiteindelijk wordt de champagne nog wel ontkurkt, maar voor Blankendaal en Leene valt er weinig te vieren. Uiteraard zijn ze blij met de opening van hun bedrijf, maar het moeizame voortraject met de twee investeerders blijft in hun achterhoofd zitten. Aan het afronden van de transactie houden ze een nare bijsmaak over, maar ondertussen focussen ze zich volledig op de onderneming. Na de deal staan er echter weinig concrete afspraken op papier. Zelf beslissen ze maandelijks een uitgebreide rapportage te e-mailen en per kwartaal een overlegmoment met de investeerders in te plannen.


Vliegende start
Kadenza beleeft een vliegende start. In de tweede maand zit het bedrijf al tegen het break-evenpunt aan. In de derde maand noteren de ondernemers het eerste plusje, maar op die positieve e-mail komt geen reactie van de investeerders. Tijdens het tweede kwartaaloverleg komt er een breekpunt over de licht achterblijvende omzet in februari, vertelt Blankendaal. 'Beide investeerders kijken voor de eerste maal naar de cijfers en zeggen: ‘nog zo’n maand en we moeten er maar stoppen…’ Terwijl wij juist erg blij waren met de eerste winst. Heel zuur, maar we zijn verder gegaan.'


In 2005 groeit het bedrijf ontzettend snel en onder de streep blijft er een paar ton over. Toen stuitten de vier aandeelhouders op de vraag: wat gebeurt er met die winst? Voor Blankendaal en Leene is het antwoord simpel. Het duo voorziet een forse groei voor Kadenza de komende jaren, wat ook flink wat kosten met zich meebrengt. Maar beide investeerders houden er een heel andere filosofie op na. 'Je moet altijd je hele BV leegtrekken zodat er niets meer in zit, dan staat dat alvast op je bankrekening', zeggen ze tegen de ondernemers.


Patstelling
Dat conflict komen de twee partijen nooit meer te boven, mede doordat elk kamp 50 procent van de aandelen in handen heeft. Er ontstaat een patstelling, waardoor Blankendaal en Leene in september 2005 van de investeerders af willen. Maar de geldschieters beseffen inmiddels dat er veel geld binnenstroomt, waardoor ze geen afstand willen doen van hun aandelenpakket.

De verstandhouding verhardt. De ondernemers vertellen de investeerders niets meer over de gang van zaken, maar Blankendaal slaapt slecht door de juridische twist. Hij staat zelfs even op het punt om zijn belang te verkopen aan de investeerders. 'Voor mij was de maat vol. Ik wou niet iedere dag opstaan met het idee dat ik iemands zakken vul.'


Uitkoopsom
Door die wanhoopspoging van Blankendaal zien beide investeerders in dat het zo niet werkt en beide partijen laten hun adviseurs onderhandelen over de uitkoopsom. De ondernemers moeten wel even slikken van het bedrag dat er op basis van de jaarrekening uitrolt. Beide investeerders houden namelijk na een periode van 2 jaar en 3 maanden elk meerdere tonnen over aan een investering van slechts 4.500 euro.

'Wij waren veel te gretig om ons bedrijf te starten', analyseert Blankendaal achteraf waar het fout is gegaan, 'waardoor we achteloos zijn geweest om duidelijke afspraken met de investeerders op papier te zetten.'

Dit is een praktijkverhaal uit het boek Hoe vind ik een investeerder? Een praktisch handboek voor het zoeken en vinden van een investeerder, aangevuld met praktijkvoorbeelden en vele tips van ondernemers, investeerders en adviseurs. Kijk op www.hoevindikeeninvesteerder.nl

Handboek risicokapitaal

Netwerken


Investormatch is officieel lid van:

 

 

 

 

 

Investormatch is een uitgave van C365.
© 2013 www.investormatch.nl - alle rechten voorbehouden.

Realisatie door Liones